Ieder keer als er een reis aan zit te komen dan denk ik weer: ik doe het niet. Ik ga niet meer. Dan maar niets van de wereld zien, niet ontspannen, niet even weg. En toch ga ik iedere keer weer wel.

Mijn aversie heeft namelijk niets met de vakantie te maken maar alles met slapen. Ik slaap namelijk zo vreselijk slecht tijdens vakanties dat ik altijd doodmoe terug kom. En het maakt niet uit of ik nu in een hotel slaap of in mijn eigen camper, hoewel die laatste optie wel de beste is, want uiteindelijk wen ik wel iets aan het bed. Dat merk ik ook tijdens de wintersport, we komen al jaren in hetzelfde huis met dezelfde bedden. De eerst avond ben ik moe van het vroege opstaan en de reis van 12 uur. De 2e nacht doe ik geen oog dicht en de derde nacht giet ik me vol met wijn. Vanaf nacht 4 ga ik dan hazeslaapjes doen en daarna slaap ik wel redelijk. Maar nooit genoeg om lekker uitgerust thuis te komen.

Die-hard nachtbraker

Maar een reis zoals we bijvoorbeeld nu maken, iedere 2 a 3 dagen een ander hotel is killing. Ik kan doodmoe zijn ’s avonds, bij wijze van spreken tijdens het eten al zitten knikkebollen van de slaap maar zodra ik in bed ga liggen staat mijn brein op ‘wakker blijven’. Het bed is te hard. Of het kussen. (het klinkt idioot misschien maar het kan gewoon voorkomen dat ik hoofdpijn krijg van het feit dat het kussen zo hard is) Of het is te warm in de kamer. Of de airco maakt een rotherrie. Of er is verkeerslawaai. Maakt niet uit: IK SLAAP NIET OF NAUWELIJKS.

Waarom dóe ik dat dan?

Dat is iets dat ik mij regelmatig afvraag. Waarom blijf ik niet gewoon lekker thuis in mijn eigen waterbed? (overigens neem nóóit een waterbed: je doet nergens meer een oog dicht). Waarom ga ik toch iedere keer weer ergens heen waarvan ik weet dat ik extreem moe zal worden? En het maakt niet uit he, of het nou een super de luxe hotel is zoals in Dubai of een kamer bij een particulier in Cuba. 

Ik weet het wel. Ik weet waarom ik iedere keer toch weer op pad ga. Ergens in mij zit een enorme drang om ‘onderweg’ te zijn. Het avontuur op te zoeken. Mijn grenzen te verleggen. Kijken wat er achter de horizon zit. Mijn horizon. Of ik iets kan ontdekken. Of ik van de gebaande paden af kan. (Kijk hier is een weggetje, geen idee waar het heen gaat maar zullen we dat eens volgen?) En, ik vergeet gewoon dat ik zo moe was, zo slecht geslapen heb. Als ik aan een reis terug denk dan zie ik de indrukken, de mooie momenten. Dan hoor ik de gave gesprekken die we met wildvreemde mensen gevoerd hebben. De discussies over politiek, het land, de cultuur. De slechte nachten, de hitte (waar ik ook niet zo goed in ben) het gesjouw, dat vergeet ik gewoon. Ik kijk gewoon naar de andere, positieve kant.

AHA momentje

Dit alles bedacht ik mij toen ik dus weer eens wakker lag in een hotelkamer in Vimperk, Tsjechië, luisterend naar de regelmatige ademhaling van mijn slapende man.

En ineens drong het tot mij door dat ik dit mijn hele leven al doe. Kijken hoe het anders kan. Een andere weg bewandelen of van een andere kant naar het zelfde probleem kijken. Eerst onbewust als kind. Later bewust en uiteindelijk lijkt het mijn 2e natuur geworden te zijn. Ik kan niet anders meer. Ieder probleem dat zich aandient is natuurlijk ook voor mij in aanvang een probleem. En daar kan ik verdrietig, boos of gefrustreerd door raken. Maar uiteindelijk blijkt er altijd een andere kant aan te zitten. Een andere weg, een oplossing. Of gewoon acceptatie.

Ik krijg vaak de vraag hoe ik alle obstakels, trauma’s en problemen die er in mijn leven zijn geweest overwonnen heb. Hoe ik dat achter mij kan laten en hoe ik er voor gezorgd heb dat het geen invloed meer heeft op mijn leven nu.

Verslaving of super-hobby

Voor mij is het duidelijk: Ik ben verslaafd aan reizen! En met reizen bedoel ik niet al 20 jaar veertien dagen naar hetzelfde wintersport dorp in Oostenrijk. Dat is ‘gewoon’ vakantie. 

Met reizen bedoel ik rondtrekken. Het onbekende tegemoet gaan. Want ook al stippel je je route uit, bedenk je van te voren waar je heen wil en wat je wilt zien, er kan onderweg altijd iets gebeuren waardoor je je plan moet aanpassen. Zeker in een land waarvan je de taal jiet spreekt of waar van de online informatie niet up-to-date is. Reizen heeft te maken met creativiteit. Problemen oplossen en je niet laten leiden door tegenslag.

Reizen in jezelf

En ik reis dus ook in mijn hoofd, in mijn geest. Ik ga op reis in mij zelf, in mijn gedachten in mijn gevoel. Ooit ben ik die reis bewust begonnen, ontdekken wat er allemaal in mij leeft, wat er allemaal opgegraven kon worden en wat er allemaal in het reisverslag terecht mocht komen. En wat niet. Wat niet relevant was voor de geschiedenis van mijn levensreis. Ik bepaal wat ik er in wil en wat niet. Dat betekent overigens niet dat ik mij als een struisvogel gedraag. Ik weet heel goed wat mij overkomen is, hoe mijn leven is geweest. Het zijn allemaal herinneringen van gebeurtenissen die daadwerkelijk hebben plaatsgevonden. Maar ik bepaal hoe ik ze inkleur en hoe ik er naar terug kijk. Ik bepaal welk deel ik belangrijk maak. En daardoor verander ik mijn kijk op mijn geschiedenis. Gooi ik iedere keer weer het juk van de spoken van het verleden af die mij tegenhouden of dwarszitten. Word ik steeds meer een betere versie van mijzelf.

Flashbacks

Terwijl wij met de motor door Tsjechië reizen krijgen we steeds beelden op ons netvlies van bijna 20 jaar geleden toen wij met onze zes kleine kinderen ongeveer dezelfde route aflegden. En kijk, ik heb andere dingen onthouden dan mijn man. Zie andere plaatjes, heb andere gedachten erover. En toch waren we er alletwee helemaal bij! En ik bepaal wat relevant is voor mijn reisverhaal en hij voor het zijne. Wil ik onthouden hoe hard wij moesten werken tijdens zo’n vakantie met zes kinderen in de leeftijd van 5 tot 12 in een net nieuw samengesteld gezin? Of wil ik onthouden hoe waanzinnig leuk het was om met z’n allen om het kampvuur te zitten en liedjes te zingen? Misschien allebei? Of misschien gaat her er alleen om dat we die reis gemaakt hebben, in die tijd op dat moment. Want er had van alles verkeerd kunnen gaan. En als we dat van te voren hadden bedacht waren we nooit gegaan. Maar er kon ook van alles goed gaan en vanuit die gedachte gingen we op pad. En het ging dus goed. 4 weken lang.

De reis is het doel

En dat is precies wat ik bedoel. Het gaat om de reis die je maakt. Om de nieuwsgierigheid die je hebt. Ja, als je op reis gaat in jezelf kun je van alles tegen komen. Blokkades, gedachten, gevoelens, emoties. En dat kan best eng zijn. Maar misschien ook wel mooi. Of spannend. Of verhelderend.

En geldt dit niet ook voor jou? Jij staat ook voor een verandering, je staat ook op het punt om het anders te willen doen in je leven? Jij bent ook nieuwsgierig naar een nieuwe horizon, een nieuw begin, een betere versie van jezelf. Maar ja, die reis hé, die kan best lastig zijn.

Het goede nieuws is, jij hoeft het niet alleen te doen. Jij mag mij inschakelen als gids. Je moet wel zelf het pad lopen maar ik gids je er gewoon doorheen.

Nu mijn vakantie voorbij is kan ik weer deelnemers aan mijn programma toelaten. Omdat ik met iedere deelnemer 1-op-1 gesprekken voer tijdens alle modules heb ik maar plaats voor 10 vrouwen per maand.